Toezicht let scherper op indexfondsen

Op juli 13, 2010.

Trackers (ETF’s) zijn in tien jaar tijd enorm populair geworden. Er zijn vele honderden varianten op de markt, waarin beleggers tot nu toe circa $1000 mrd hebben gestoken. De beleggingscategorie is zo groot dat deze een bedreiging kan vormen voor de stabiliteit van het financiële systeem, vinden toezichthouders.

Vorig jaar wees de Amerikaanse toezichthouder op de goederentermijnmarkten, de Commodity Futures Trading Commission, al op de risico’s van sommige Trackers die in grondstoffen beleggen. Zij zouden de prijsvorming van de onderliggende waarden, zoals olie, perverteren.

Beurswaakhond SEC besloot in maart van dit jaar om een onderzoek te openen naar het gebruik van derivaten door Trackers. De SEC richt zich met name op indexfondsen die werken met een hefboom van geleend geld of zogeheten inverse indexfondsen, waarmee beleggers geld inzetten op de tegengestelde beweging van de fluctuaties van de onderliggende index. Deze fondsen kunnen koersbewegingen opleveren waarmee beleggers geen rekening houden.

Afgelopen vrijdag wijdde de Britse Bank of England een hoofdstuk aan Trackers in zijn reguliere Financial Stability Report. De Bank of England erkent dat Trackers voor beleggers die risico’s willen afdekken een goed alternatief zijn voor futures, omdat met Trackers zo veel verschillende segmenten van de financiële markten zijn te bestrijken. De Bank of England wijst er verder op dat Trackers lagere kosten in rekening brengen dan traditionele beleggingsfondsen.

De Bank of England beschrijft vervolgens vier terreinen waar Trackers ‘risico’s voor het financiële systeem’ met zich meebrengen. De eerste betreft de liquiditeit, of het gevaar op een gebrek daaraan, in de handel in Trackers. Partijen die markten in Trackers onderhouden worden blootgesteld aan koersfluctuaties, die zij proberen af te dekken door posities in te nemen in de onderliggende waarde. Door het plegen van deze arbitrage helpen ze verschillen tussen de koers van de Trackers en die van de onderliggende waarde te verkleinen.

Maar dat werkt niet altijd vlekkeloos. Als de onderliggende waarde minder liquide is, kunnen er grote verschillen optreden in de koers van de Tracker en de onderliggende waarde. Marktpartijen zijn daarnaast niet verplicht om een markt in Trackers te onderhouden, zodat de liquiditeit snel kan opdrogen als volatiliteit partijen noopt om even aan de zijlijn te gaan staan.

Tijdens de zogeheten Flash Crash van 6 mei jongstleden vertoonde een aanzienlijk deel van de Trackers grote koersschommelingen. Volgens de SEC daalden de koersen van meer dan 25% van de genoteerde Trackers in korte tijd met 50% of meer. De Bank of England zegt, zonder naar de flash crash te verwijzen, dat gebrek aan liquiditeit de verschillen tussen de prijs van de Trackers en de onderliggende waarde kan vergroten.

Bron: FD