Hoe volgt een Tracker de index?
Op februari 8, 2011.
Dat Trackers passief een index volgen en het daardoor beter doen dan het merendeel van de actieve fondsmanagers is bij de meeste van u wel bekend. De manier waarop Trackers een index volgen is niet bij elke belegger bekend.
Een Tracker kan op grofweg drie manieren een index volgen:
Volledige fysieke replicatie
Optimalisatie
Synthetische replicatie
Volledige Fysieke Replicatie
De meest voor de hand liggende manier voor een Tracker om een index te volgen is door de onderliggende effecten uit de index in dezelfde verhouding te kopen. Zo bevat de Think AEX Tracker alle 25 aandelen uit de AEX index in dezelfde verhouding als de index. Dus als de weging van Philips in de AEX 8% is, dan zal de Tracker ook voor ongeveer 8% uit Philips aandelen bestaan. Van al de replicatiemethodes is volledige fysieke replicatie dan ook de meest transparante methode omdat deze in beginsel één op één correspondeert met de onderliggende index. Door naar de index te kijken kan de belegger ten alle tijden zien hoe de Tracker is samengesteld.
Optimalisatie
De AEX is een relatief kleine index. Bij grotere indices, zoals bijvoorbeeld de MSCI World die meer dan 1500 aandelen bevat, is volledige fysieke replicatie niet altijd vanzelfsprekend. Deze grote indices bevatten ook veel kleine illiquide fondsen die duur en tijdrovend zijn om te verhandelen. In deze gevallen wordt daarom vaak gekozen voor optimalisatie. Dat betekent dat de Tracker niet alle aandelen uit de onderliggende index aanhoudt maar slechts een deel ervan.
Synthetische Replicatie
Synthetische Trackers repliceren het rendement van de index door een overeenkomst (een swap) aan te gaan met een tegenpartij, vaak een investeringsbank. Het werkt als volgt, de Tracker ontvangt, in ruil voor het geld uit de Tracker, een mandje met effecten van de investeringsbank (de swaptegenpartij). Het mandje met effecten dient als onderpand en bevat niet de aandelen uit de index die de Tracker volgt. De swapovereenkomst tussen de Tracker en de investeringsbank houdt in dat het rendement van dit mandje geruild wordt tegen het rendement van de relevante index. De tegenpartij (in dit geval een investeringsbank) belooft dus het rendement van de index uit te keren aan de Tracker. Belofte maakt schuld, en daarom zijn synthetische Trackers net iets risicovoller dan Trackers die gebruik maken van fysieke replicatie. Synthetische Trackers kennen namelijk een extra risico, het risico dat de tegenpartij zijn belofte niet na kan komen (tegenpartijrisico). De tegenpartij is vaak een grote investeringsbank, deze zullen in principe niet snel failliet gaan. Desalniettemin heeft de kredietcrisis bewezen dat het voor geen één bedrijf onmogelijk is failliet te gaan. Toen de Amerikaanse verzekeraar AIG wankelde, daalden de synthetische Trackers die een swap aangegaan waren met deze partij sterk in waarde. De koersbeweging van de Tracker was dus niet meer alleen afhankelijk van de onderliggende index maar ook van de stabiliteit van de tegenpartij.
Concluderend kunnen we zeggen dat Trackers die op het eerste gezicht hetzelfde lijken toch erg van elkaar kunnen verschillen. Er zijn bijvoorbeeld meerdere MSCI World Trackers, die alle een beheervergoeding rekenen van ±0,40% per jaar. De belegger die verder kijkt dan zijn neus lang is zal zien dat sommige van deze Trackers fysieke replicatie toepassen en andere synthetische replicatie. Het rendement is hetzelfde, maar het risico van de synthetische Trackers is groter.
Hoe zit het eigenlijk met de Trackers op de AEX die er in Nederland worden aangeboden? Zijn dit Trackers die gebruik maken van fysieke replicatie of van synthetische replicatie? Daarover meer in een volgende column!
Martijn Rozemuller
Managing Director
Think Capital
