Hoe belegt u in obligaties?
Op oktober 26, 2010.
Wie zelf geen tijd, zin of een enorm vermogen (in verband met de spreiding) heeft om te beleggen in individuele obligaties, kan kiezen voor een klassiek obligatiefonds of een ‘tracker’ in obligaties. Wat is precies het verschil en hoe zit het met de prestaties? Wat als u coupons wilt… ? Wat zijn de mogelijkheden?
Marktprofessional of iemand met veel geld?
Een onderdeel van de Wet Financieel Toezicht (Wft) regelt het toezicht op beleggingsinstellingen en daaronder valt ook het toezicht op wat wel en wat niet mag worden aangeboden aan de beleggende consument.
Beleggingsproducten moeten bij introductie voorzien zijn van een prospectus waarin het een en ander over de voorwaarden en de eminent wordt uitgelegd. Waar het om gaat is dat iedere wet uitzonderingen en vrijstellingen kent, zo ook met de wet op de prospectusplicht. Boven de € 50.000 is geen prospectus nodig en valt dit ook niet onder de controle van de AFM, bij deze grens wordt de belegger gezien als professioneel.
Dus iemand die zich een versuffing heeft verdiend met het telen van aardappelen is daardoor tevens een professioneel belegger en staat gelijk aan de RBA die vier jaar lang heeft moeten ploeteren voor een diploma. Ook al heeft deze aardappelkoning een paar miljoen, hij is daardoor nog geen professioneel belegger.
Jantje van Leiden
Door de prospectusvrijstelling bij € 50.000 komen de laatste tijd bijna alle nieuwe obligaties uit met een nominaal bedrag van € 50.000 want dat is goedkoper voor de uitgevende instelling. De consument wordt dus uitstekend beschermd want tot € 49.999 kan hij eenvoudigweg niets kopen aan obligaties en dat komt de bank prima uit want boven de € 50.000 heeft de bank geen zorgplicht meer voor het product.
Volgens ons moet ieder beleggingsproduct een prospectus hebben zodat aan de hand van documentatie en informatie een gedegen advies kan worden gegeven. De uitgevende instelling is dan ook verantwoordelijk voor onderliggende informatie. Het kan niet de bedoeling zijn dat de obligatiemarkt niet meer toegankelijk is voor de particuliere belegger. De wetgever maakt er zich met een Jantje van Leiden vanaf de bank profiteert.
Obligatiestrackers zijn wel toegankelijk!
Al voor een paar honderd euro kunt u obligatietrackers aanschaffen, die wel onder het toezicht vallen. Door de spreiding van een tracker heeft u uw risico ook meteen beter verdeeld.
De obligatiekoersen schommelen ook
Obligatiekoersen zijn afhankelijk van de evolutie van de marktrente. De waarde van een klassieke obligatie verandert m.a.w. dagelijks, alleen merken de meeste beleggers dat niet omdat ze hun deel houden tot de eindvervaldag (dan krijgt u 100% van de nominale waarde terug). Een fondsbeheerder speelt daarop in door het gemiddelde van de looptijden van de obligaties in het fonds aan te passen aan de verwachte evolutie van de marktrente (dat is zgn. actief beheer). Zo kan een forse rentedaling na de aankoop bv. een aanzienlijke meerwaarde betekenen voor een fonds. De beheerskosten die gepaard gaan met dat ‘actieve beheer’ (jaarlijks ± 0,8%) kunnen op lange termijn echter een negatieve invloed hebben op de prestaties.
Een tracker is passief
Een obligatietracker volgt de onderliggende obligatie-index echter ‘passief’. Er is dus geen actief beleid waarbij bepaalde obligaties wel in de tracker worden opgenomen en andere niet.
Lagere kosten! Omdat een tracker passief beheerd wordt, liggen de kosten veel lager dan bij een beleggingsfonds. Er zijn geen instap- of uitstapkosten, behalve dan uw transactiekosten op de beurs. Voor een tracker die een grote liquide index volgt, zijn de beheerskosten minimaal (tussen de 0,15% en de 0,20%), zeker voor euro-obligaties. Voor trackers bestaande uit obligaties in vreemde valuta liggen de beheerskosten doorgaans wel iets hoger.
Goed om te weten. De eenmalige instapkosten voor een obligatiefonds bedragen meestal 2% à 3% en de beheerskosten 0,6% tot 1%. Bij een obligatietracker moet u daarentegen rekenen op ongeveer 0,5% instapkosten (transactiekosten) en 0,15% à 0,20% jaarlijkse beheerskosten
Coupons? Niet alle obligatietrackers keren coupons uit. Er zijn nl. ook veel zgn. kapitalisatietrackers die de coupons herinvesteren in de tracker zelf. Keert de tracker wél een coupon uit, dan is de fiscale behandeling te vergelijken met die van een obligatiefonds (u betaalt dus 15% RV).
Actief beleggen in obligatietrackers?
‘Duration’. U kunt een portefeuille met trackers samenstellen die anticipeert op een stijging of een daling van de rente. Het rendement van een obligatieportefeuille wordt nl. grotendeels bepaald door het zgn. duration-beleid. Een ‘duration’ van 5 wil bv. zeggen dat als de rente met 1% stijgt, de waarde van de obligatie met 5% daalt (en omgekeerd). Kortlopende obligaties hebben een lagere ‘duration’ dan langlopende obligaties. Bij een verwachte rentestijging koopt u dus het best kortlopende obligatietrackers en bij een verwachte rentedaling langlopende obligaties.
Bedrijfsobligaties. Er zijn ook trackers beschikbaar die een index volgen op bedrijfsobligaties (met een ruime spreiding over een groot aantal bedrijfsleningen). Bij een faillissement van één van de bedrijven of het staken van de couponbetalingen wordt er door het grote aantal obligaties nauwelijks verlies geleden op de tracker. Als u verwacht dat het kredietrisico van de bedrijven niet zal stijgen, koop dan dergelijke trackers aangezien het rendement wat hoger ligt dan bij staatsobligaties.
Conclusie
De belangrijkste conclusie is het feit dat met Trackers iedere belegger, groot en klein, op een efficiënte en effectieve manier een obligatieportefeuille kan samenstellen. Door de aankoop van enkele Trackers kan op een eenvoudige en goedkope manier een goed gespreide wereldwijde portefeuille worden samengesteld. De lage kosten dragen bij aan een hoger rendement en de goede spreiding aan een lager specifiek risico.
Disclaimer
Let op: De waarde van uw belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. De weergegeven prognoses en/of verwachtingen vormen geen betrouwbare indicator voor toekomstige resultaten.
